Posts tonen met het label kunst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kunst. Alle posts tonen

zaterdag 2 maart 2013

MACBA

-Met een beetje fantasie maak je er wat moois van-

Het MACBA (Museu d'Art Contemporani de Barcelona) ligt in het hart van Raval. Het markante gebouw is vrij nieuw (1995), maar heeft qua stijl met haar glazen wand en beton iets weg van Het Nieuwe Bouwen. Wat het museum vooral jong maakt, zijn de mensen. In de hal struikel je over jongeren met tatoeages en piercings, die liggen te chillen op fatboys. Jij mag met je sticker, die je duidelijk zichtbaar moet dragen, doorlopen over de stijle brug naar boven.

Het eerste werk van de vaste tentoonstelling dat je stil doet staan is mirrors van Michael Baldwin uit 1965. Spiegels in verschillende maten hangen achter elkaar. Niet symmetrisch, maar toch doet het denken aan een piano. Het is speels en ieder heeft een uniek kunstwerk, niemand ziet hetzelfde. Tegelijkertijd is het ideaal voor massaconsumptie en past het perfect in de popart uit die tijd. Toch rijst bij het zien van hedendaagse kunst, voor mij kunst na 1950, vaak de vraag, waarom is dit kunst? Dit kan iedereen maken met Ikea spiegels.

In de innovatiewereld zijn co-creatie en crowdfunding helemaal in. Ook de kunstensector gebruikt de tweede methode steeds meer als financieringsbron. Een prachtig initiatief hiervoor is voordekunst.nl. Maar wat nieuw voor mij is, is dat kunstenaars ook het collectief van de museumbezoeker gebruiken om hun kunstwerk te verrijken. Zo is er een zaal gewijd aan Miralda Terressa, waar aan een witte muur een witte plank staat met verschillende objecten. Als bezoeker wordt je uitgedaagd om ook iets toe te voegen met als gevolg een georganiseerde opengebroken vuilniszak; bonnetjes, paperclips, flesjes, knuffels. Van alles. Ik kan hier natuurlijk niet koelbloedig voorbij lopen zonder ook een bijdrage te leveren. Uit mijn veelgebruikte notitieblok scheur ik het blaadje met de aantekeningen voor de blog GM Collector. Wel mooi symbolisch, dat het ene innovatiestuk van het MACBA nu iets heeft dat gaat over het Groninger Museum. En zo heb ik ook wat kunst gemaakt.

Zelfs de suppoosten zijn modern. Ze lopen met oordopjes in, niet voor bewaking en veiligheid, maar om via de radio live te luisteren naar de voetbalwedstrijd of de nieuwste hits. Je ziet ze meeleven en meeswingen, niets geen kasplantjes of verveeld kijkende suppoosten hier.

Tot slot, vergeet niet om sokken zonder gat aan te doen voor het hoogtepunt. De meeste mensen laten de nis op de eerste verdieping links liggen, maar schroom niet, trek die schoenen uit en loop binnen in de wondere wereld van Hélio Oiticica en Neville Almeida. Je loopt over ingepakt zand en wordt van alle kanten omringd door Marilyn Monroe en zwoele muziek. Om je heen liggen oranje ballen. Kleine en grote. Hier kun je naar hartenlust interacteren, speel Marilyn de bal toe, gooi ze naar elkaar of oefen alleen je Braziliaanse voetbalkunstjes. Maar bewaar dit hoogtepunt voor het laatst, anders loop je de rest van je tocht met zand in je sokken.

Voor de grootte van het gebouw is de vaste collectie nihil en zijn de tijdelijke tentoonstellingen wel erg op fotografie gericht. Maar, deze omvang is ideaal om je even een uurtje in een andere realiteit te wanen en een nieuwe ervaring op te doen. En met een beetje fantasie kun je bij de meeste moderne kunstwerken nog een amusant verhaal verzinnen, die het bezoek onvergetelijk maakt. Ik moet echter bekennen dat de begaande grond voor renovatie gesloten was en dat hier de meesterwerken zouden moeten hangen. Het is dus zeker nog een bezoekje waard.

vrijdag 11 januari 2013

MNAC - een eerste kennismaking

Eenmaal gewend aan musea op loopafstand van huis - het Museum Oud Overschie, het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, de Hermitage in Sint Petersburg (telt opzich al voor 5) en het Boijmans Van Beuningen in Rotterdam- is ditmaal het MNAC, Museu Nacional d'Art de Catalunya, om de hoek.

Het gebouw rijst statig boven de Montjuïc uit. Het ziet eruit als een imposant paleis waar minstens edelen of zelfs koningen gezeteld moeten hebben. Maar schijn bedriegt. Dit bouwwerk is gerealiseerd om het paradepaardje te zijn van de wereldtentoonstelling van 1929. Het is onderdeel van een groot complex. De oprit begint bij Placa de Espanya met twee Venetiaanse kolommen, gevolgd door vier klassieke kolommen die de strepen van de Catalaanse vlag voorstellen. Daarachter ligt de magische zingende fontein, welke ’s avonds immer nog met een lichtshow versteld doet staan van zijn pracht. En dan ben je nog niet eens halverwege, er volgen eindeloze trappen geflankeerd door oriëntaals geïnspireerde fata morgana's, die nu de beurs vormen. Het Ahoy van Barcelona. Bij een slechte conditie of gewoon lui kun je genieten van het panorama uitzicht over de stad dat per meter naar boven toeneemt door gewoon vijf keer een roltrap nemen. Eenmaal boven heb je keuze om het gebouw te betreden of te gaan dwalen door de prachtige tuinen. Ditmaal gaan we naar binnen waar je je nietig waant onder de hoge gewelven. Er is van alles; een concertzaal, restaurant, winkel en daar tussendoor en bovenlangs het museum. Die kent 4 secties; romaans, gotisch/ renaissance, barok en modern. Verfommel je entreebewijs niet want deze moet je bij elke sectie opnieuw laten zien.

Meestal laat ik de middeleeuwen links liggen, want niet voor niets was er daarna sprake van een wedergeboorte. Het zijn in mijn ogen stripverhalen om de arme ongeletterde gelovigen te wijzen op hun plek, door ze te overdonderen met martelingen, gekwelde bebloede niet altijd anatomische correcte figuren en episoden met streng kijkende heiligen zonder landschap of perspectief in een goud omhulsel. Maar dit keer had ik geen keus en moest ik erdoorheen om bij de renaissance te komen en mijn hart op te halen bij het kleurenpalet van El Greco. Op het middeleeuwse altaarstuk van Jaume Serra uit 1367 staat het geboortekribbetje van Jesus omringd door ezel en os. En met Jaume hebben nog tientallen dit tafereel op eenzelfde wijze weergegeven. Hoe denkt de paus daarover? Wat is hij van plan met alle kunstwerken in het bezit van het Vaticaan nu hij afgelopen november beweerde dat noch os noch ezel bij de geboorte aanwezig waren en dat dit slechts mythe zijn?

Mijn favoriete periode is bij uitstek 1885- 1930, het hoogtij van het impressionisme, symbolisme, expressionisme en de art nouveau / modernista. Voor deze zalen bezoek ik musea en loop ik met een notitieblokje de namen op te schrijven van mij onbekende artiesten en van werken die ik mooi of bijzonder vind.

Als klein meisje moest ik eens het mooiste stuk uit de collectie kiezen. Toen nog met de droom om ballerina te worden, was de keuze voor het danseresje van Degas, Le petit danseuse de 14 ans, eenvoudig. Sindsdien heeft dit beeldje een vast plekje in mijn looproute in het Boijmans, Musée d'Orsay en Metropolitan Museum of Art. Het doet me even terugdenken aan de uren voor de spiegel aan de barre, de voorstellingen op een felverlicht podium en het gevoel dat je al draaiend en met een grand jeté de hele wereld aan kan. In het MNAC staat de volwassen geworden variant. Ik stel aan u voor de Gran Ballarina van Pau Gargallo uit 1929. Deze vrouw heeft de toekomst niet meer voor zich, zij is een geoliede machine en kent de klappen van de zweep. Geroutineerd danst zij in tutu een arabesque. Een meesterwerk met hart, in vergelijkbare stijl als Zakine van zwart gietijzer. Een ander werk dat mij in de Hermitage had betoverd was eternal spring van Auguste Rodin. Iets in het werk van De Barcelonees Josep Llimona (1864 - 1934) doet me aan hem denken. Ik ga opzoek naar ander werk van hem en wie weet heeft ook hij een pittoreske villa in het centrum, zoals Rodin in het 7de arrondissement van Parijs. Naar het laatste beeldje dat het vermelden waard is moet je even zoeken in zaal 80. Het valt niet op door de overdaad aan werken van Juli Gonzalez. Weggestopt in een hoek kijkt verlegen zijn werk Nu assegut de perfil (1929) je aan. Een prachtige techniek.*

De Granadina (1914) van Hermen Anglada Camarsa doet me door zijn kleurgebruik denken aan Kees van Dongen. Geen grote ogen, maar wel die groen blauwe waas. Zijn schilderijen hebben iets sprookjesachtig. Een naam erbij in het notitieblokje. Ook Adria Gual (1872 - 1943) komt hierin. Er hangt in het MNAC maar een modernista op het randje van symbolistisch werk van hem. Dat maakt nieuwsgierig. Zou hij de Spaanse Michiel Vrubel zijn? Geboren en gestorven in Barcelona. Zijn sporen moeten te achterhalen zijn. Nu ook ik mij sinds woensdag officieel Barcelonees mag noemen en wat trots kan tonen voor mijn schoonmoederland met marker en onderstreept tot slot de grappige Ramon Casas. Klik hier voor zijn werken, oordeel zelf maar.




* het innovatiekunstwerk dat bij ons in de wdw hing zou zich kunnen evolueren tot iets dat niet zou misstaan naast een werk als Finestra van Leandre Cristofol uit 1926. Wie weet belooft dit later ook een mooi plekje ergens voor Thijs van Gasteren in een museum.