Elk ritje reis ik met gepiercte personen. Leeftijdgenoten, iets jonger of veel ouder. Ze zijn er weg van. Hoe meer, hoe beter. Moderne pantsers en speren. Het kuiltje in de kin steekt gevaarlijk vooruit. Op de bovenlip siert soms een knopje. Als een eigentijdse schoonheidsvlek. Of de lip heeft in het midden een ring. Dwars erdoorheen. En is het niet de lip, dan is het tussenschot van de neus. Stierachtig. Alternatieve, meer creatieve uitingen zijn te vinden in het midden van de wang, halverwege de nek als een kunstmatige adamsappel of midden op het voorhoofd. Elk stukje vel kan kennelijk benut worden om een metalen voorwerp aan op te hangen.
Achter de scherpe randjes zijn ze (vast) lief en aardig.
Mocht het staal met de jaren ontbrekenl, dan zie je wel de sporen die deze hebben achtergelaten. Zo hebben velen een uitgerekte oorlel met een groot gat. De doorsnede hiervan kan oplopen tot vijf centimeter. Vliegjes, vlinders en zelfs een kolibrie zou erdoorheen kunnen fladderen.
Alleen de wenkbrauwpiercing lijkt uit de mode te zijn geraakt. Dat is een unicum als je die tussen de passagiers ontdekt. Bijna het schieten van een plaatje waard.
zondag 28 april 2013
zondag 21 april 2013
Kat en Muis
De naam Barcelona gaat gepaard met Gaudi. Toeristen hoppen in oostelijke richting van Casa Batllo, La Pedrera, en de Sagrada Familia naar Parc Güell. En met hen de illegale verkopers van souvenirs met daarop bonte verbeeldingen van Gaudi’s werken. De meeste van hen hebben Parc Güell als uitvalsbasis.
In dit dorre en droge park wordt het zand geregeld verplaatst door een stofwolk, achtergelaten door vluchtende illegalen, die sprintjes trekken van 100 meter om achter een cipressenboom weer tot rust te komen. Een bijzonder schouwspel is hier gaande. Beter gezegd een kat en muisspel. Aanschouw:
Op kleine kleedjes van één bij één meter stallen Pakistanen, Indianen en Afrikanen hun prullaria uit. Met een plumeau ‘snuffelen’ ze de zandkorrels van hun waar. Vervolgens ‘piepelen’ ze de toeristen: ‘Kijk naar mijn waar: zó veel voor zó weinig!’ Je bent een dief van je eigen portemonnee als je voor jezelf, je zus of je buurman niet een magneet koopt. Lang uitkiezen tussen de twintigtal verschillende varianten zit er echter niet bij. De verkopers worden op de hielen gezeten door de Guardia Civil, die constant op hen loert. Zodra de kattenkoppen op 25 meter te bespeuren zijn, worden de hoekpunten van het kleed naar elkaar toegevouwen en al rennend als een knapzak over de schouder gegooid. Weg de bosjes in. De politie, minder slank en soepel, zet het niet op een rennen. Geef ze eens ongelijk met de brandende zon in het zenit. Het is de huiskat eigen om niet te hard te werken voor zijn prooi. Ze vervolgen gestaag hun patrouilleroute, wetend dat ze hun aas over een aantal minuten weer zullen ontmoeten.
De kat neemt genoegen met het opjagen en de muis schikt zich hiernaar. Zo is er een natuurlijk evenwicht ontstaan en bevolken beide in harmonie als enige niet toeristen Parc Güell. Naast de mozaïek, de zuilengalerij en de slingerende paden is dit een authentiek beeld. Ik twijfel alleen of dit ook is meegenomen in de Unesco-werelderfgoed lijst.
In dit dorre en droge park wordt het zand geregeld verplaatst door een stofwolk, achtergelaten door vluchtende illegalen, die sprintjes trekken van 100 meter om achter een cipressenboom weer tot rust te komen. Een bijzonder schouwspel is hier gaande. Beter gezegd een kat en muisspel. Aanschouw:
Op kleine kleedjes van één bij één meter stallen Pakistanen, Indianen en Afrikanen hun prullaria uit. Met een plumeau ‘snuffelen’ ze de zandkorrels van hun waar. Vervolgens ‘piepelen’ ze de toeristen: ‘Kijk naar mijn waar: zó veel voor zó weinig!’ Je bent een dief van je eigen portemonnee als je voor jezelf, je zus of je buurman niet een magneet koopt. Lang uitkiezen tussen de twintigtal verschillende varianten zit er echter niet bij. De verkopers worden op de hielen gezeten door de Guardia Civil, die constant op hen loert. Zodra de kattenkoppen op 25 meter te bespeuren zijn, worden de hoekpunten van het kleed naar elkaar toegevouwen en al rennend als een knapzak over de schouder gegooid. Weg de bosjes in. De politie, minder slank en soepel, zet het niet op een rennen. Geef ze eens ongelijk met de brandende zon in het zenit. Het is de huiskat eigen om niet te hard te werken voor zijn prooi. Ze vervolgen gestaag hun patrouilleroute, wetend dat ze hun aas over een aantal minuten weer zullen ontmoeten.
De kat neemt genoegen met het opjagen en de muis schikt zich hiernaar. Zo is er een natuurlijk evenwicht ontstaan en bevolken beide in harmonie als enige niet toeristen Parc Güell. Naast de mozaïek, de zuilengalerij en de slingerende paden is dit een authentiek beeld. Ik twijfel alleen of dit ook is meegenomen in de Unesco-werelderfgoed lijst.
woensdag 17 april 2013
Metro IV: Rode wangen
Lente is hier als een warme zomerdag in het Noorden. Geen wonder dat de toeristen zo lang mogelijk in het zonnetje baden. Op straat, terras of strand. Ze hebben geen erg in de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid vitamine D. Het liefst elke dag een overdosis.
’s Avonds is het tijd voor eten en fiesta. Dan dalen ze af in de ondergrondse op weg naar de tip uit de toeristengids. Ook zonder dat boekje zie je meteen wie de toeristen zijn, de rode konen en verbrandde schouders verraden hun middagbezigheid. De uitgelaten vrolijkheid, omdat het lichaam eindelijk opgewarmd is, doet de rest. Maar het zonnetje vormt ook een goed excuus voor verlegen Noorse jongens. De verbrande konen verbergen de rode blos op hun wangen als ze de blote bruine benen van de Spaanse schone begluren.
’s Avonds is het tijd voor eten en fiesta. Dan dalen ze af in de ondergrondse op weg naar de tip uit de toeristengids. Ook zonder dat boekje zie je meteen wie de toeristen zijn, de rode konen en verbrandde schouders verraden hun middagbezigheid. De uitgelaten vrolijkheid, omdat het lichaam eindelijk opgewarmd is, doet de rest. Maar het zonnetje vormt ook een goed excuus voor verlegen Noorse jongens. De verbrande konen verbergen de rode blos op hun wangen als ze de blote bruine benen van de Spaanse schone begluren.
zondag 14 april 2013
Metro III: Safari
Twee broers uit een Noord-Europees land, net boven en onder de veertig, staan gespiegeld in de metro. De oudste houdt de reling met links vast, de jongste met rechts. Ze zijn goed voorbereid. Op alles.
De afritsbroek geeft een uitweg voor warm en koud weer. De gore-tex bergschoenen kunnen elk terrein aan. De lens van de camera maakt bespieden op grote afstand mogelijk. De kleur van hun jacket komt overeen met de boomstam van een plataan. Dit zijn er een hoop in Barcelona, dus de heren kunnen zich perfect verschuilen. In hun rugzak zit, naar ik meen, proviand. In elk geval zie ik een 1.5 liter fles water; in de nabije toekomst geen dorst.
De afritsbroek geeft een uitweg voor warm en koud weer. De gore-tex bergschoenen kunnen elk terrein aan. De lens van de camera maakt bespieden op grote afstand mogelijk. De kleur van hun jacket komt overeen met de boomstam van een plataan. Dit zijn er een hoop in Barcelona, dus de heren kunnen zich perfect verschuilen. In hun rugzak zit, naar ik meen, proviand. In elk geval zie ik een 1.5 liter fles water; in de nabije toekomst geen dorst.
Wat ik me afvraag is: dachten deze toeristen op safari te gaan in de binnenstad? Het is waar, in Barcelona lopen soms exotische beesten rond. Maar die zijn aan de stad gewend. Misschien hadden de gebroeders er beter aan gedaan een spijkerbroek, T-shirt en gympen aan te trekken. Dan zouden ze in elk geval minder opvallen en jagen ze de inheemse bevolking niet de stuipen op het lijf met hun uitrusting.
Abonneren op:
Posts (Atom)
